GasTerra op weg naar virtuele energiecentrale?

In Duitsland loopt sinds ruim een jaar een grootschalige proef met een virtuele wkk-centrale: honderden micro-wkk’s bij particulieren die centraal aangestuurd kunnen worden, op momenten bijvoorbeeld dat door bewolking of windstilte lokaal geen duurzame energie voorhanden is. De recente aankondiging dat GasTerra en IT-bedrijf Oracle gaan samenwerken, kan een voorbode zijn van soortgelijke experimenten in Nederland.

Wellicht vonden de heren Eddie Jonker, IT program manager bij GasTerra, en Bastian Fischer, directeur van Oracle Utilities, elkaar bij de grote smart grid conferentie in oktober in Londen.

En waarom klikte het? Omdat GasTerra graag gas wil blijven verkopen en zich dus enthousiast op de markt van de micro-wkk’s stort (brandstofcel of conventionele HRe, dat moet nog blijken). En omdat Bastian Fischer bekend staat als ‘smart grid’-goeroe, die geen mogelijkheid onbenut laat om zijn geloof in slimme netten uit te dragen.

In het persbericht van Oracle wordt overigens geen gewag gemaakt van slimme netten, maar alleen over de ‘integratie  van de hele gasinfrastructuur in één systeem’. Tja, dat geloof ik wel. Verhoogde efficiëntie, beter overzicht, en dus beter kunnen inspelen op vraag en aanbod in de markt en minder fouten bij facturering. Maar in het oog springende nieuwigheden, daar hoop ik ook een beetje op.

 

Advertenties

Greenpeace neemt groene stroom wel erg letterlijk

Stroom is stroom, daar verander je niks aan, al lijkt Greenpeace België daar anders over te denken. Volgens de milieubeweging is groene stroom namelijk heel iets anders dan grijze stroom. Letterlijk.

In een alarmerend filmpje op Youtube raadt Greenpeace consumenten daarom aan alleen groene stroom te kopen bij leveranciers die hun duurzame elektriciteit in België zelf opwekken. Want leveranciers – Nuon en Essent bijvoorbeeld – die hun energiemix vergroenen door de aanschaf van groencertificaten van duurzaam opgewekte stroom elders in Europa, belazeren de kluit. “Het is voor leveranciers door deze labels wel erg makkelijk om vervuilende stroom een groen kleurtje te geven”, aldus het commentaar in het filmpje.

Een onbegrijpelijke actie van Greenpeace, die door veel Belgische media deze week echter kritiekloos werd overgenomen. Logisch dan ook dat Nuon zich geroepen voelde te reageren.

Greenpeace zou mijns inziens een punt hebben wanneer men bijvoorbeeld zijn zorgen zou uitspreken over de de handel met Noorwegen, waarbij grijze stroom ’s nachts de stuwmeren vult die overdag groene stroom terugleveren. Daar loert het gevaar van greenwashing. Maar waarom ineens het hele systeem van groencertificaten niet deugt, mogen ze mij nog een keer uitleggen.

Zie hier het filmpje:

CO2-poel des verderfs in Canada?

Uit een kleine poel, begroeid met blauwgroene algen, borrelt gas omhoog. Op de oever liggen de karkassen van een kat, een geit en een eend. Het vreemde tafereel op hun land verontrustte boerenechtpaar Cameron en Jane Kerr in de Canadese provincie Saskatchewan zo erg, dat het stel een expert inschakelde om te onderzoeken wat er aan de hand was. Die concludeerde dat het CO2 in de gasmix overeenkwam met het CO2 dat het vlakbij gelegen energiebedrijf Cenovus anderhalve kilometer diep de grond in spuit, om de laatste resten olie uit een olieveld te persen.

De Canadese pers stortte zich afgelopen week enthousiast op het fenomeen, omdat het bijna lege olieveld in Saskatchewan tegelijk één van de meest prestigieuze Carbon Capture and Storage (CCS)-projecten in Canada is, dat CCS ziet als een pijler in het klimaatbeleid. Vanaf 2000 pompt Cenovus dagelijks 6000 ton CO2 de grond in. Het grote publiek maakt zich, in Canada dus net zo goed als in Nederland, echter zorgen over de veiligheid: als CO2 in grote hoeveelheden weglekt, verdringt het zuurstof uit de lucht en kan je stikken.

Maar de soep wordt niet zo heet gegeten als hij wordt opgediend. Verschillende wetenschappers wezen er op dat alle ‘bewijzen’ voor het weglekken van CO2 net zo goed natuurlijke verschijnselen kunnen zijn.

De CO2-fingerprint uit de poel mag dan overeenkomen met die van het CO2 dat Cenovus de grond in pompt, de natuurlijke gassen in de omgeving hebben die fingerprint net zo goed, zo stelt een onderzoeker. Verder zijn in de omgeving – buiten het bereik van het CCS-project – wel vaker hoge CO2-concentraties in de grond gemeten. En dergelijke vreemde algen komen volgens een biologe ook veel vaker voor op de Canadese prairies, ofwel natuurlijk, ofwel geholpen door kunstmest dat in de poelen sijpelt. En ja, die algen zijn giftig. Dus of die dieren nu stierven aan CO2 of aan een giftige alg?

Bron: The Globe and Mail

Waar blijft de echte Europese interconnectie?

Waar in Europa vrij verkeer van goederen al lang een vanzelfsprekendheid is, blijft de interne Europese energiemarkt vooralsnog steken in een rudimentair stadium. Stevige gas- en elektraverbindingen tussen landen ontbreken, Europese standaarden staan nog in de kinderschoenen en vanwege onwenselijke eigendomsverhoudingen is van een vrije toegang tot de netten ook nog geen sprake. Het Derde Energiepakket, dat de Europese Unie deze zomer goedkeurde en dat op 3 september in werking trad, moet hier verandering in brengen.
“Als Spaanse ondernemer wil ik mijn stroom kunnen kopen in Noorwegen of Oekraïne [sic.], als die daar goedkoper is. Nu kan dat nog niet. Daar moeten alle onderhandelingen uiteindelijk op gericht zijn, soms heb ik het idee dat er alleen maar gepraat wordt om het praten.” Javier Penacho van de AEGE, een vereniging die grootverbruikers van energie in Spanje vertegenwoordigt, schudt zijn hoofd bij zijn constatering over de huidige situatie bij de Europese energievoorziening. Hij heeft weinig hoop dat het eerste obstakel op de weg naar de verwezenlijking van zijn wens – een goede interconnectie tussen Frankrijk en Spanje die het Iberisch Schiereiland uit een isolement zal halen – binnenkort uit de weg wordt geruimd.

De Europese Commissie presenteerde in 2007 met het Derde Energiepakket een scala aan maatregelen die de ondernemers als Penacho zouden moeten helpen om goedkopere producenten in de EU te vinden. In april van dit jaar stemde het Europees Parlement in met het pakket, in juni gevolgd door de Europese Ministerraad. Het pakket rust op drie pijlers. Een nieuwe Europese toezichthouder, ontvlechting en een investeringsplan.

Regulatory gap
De eerste pijler betreft de oprichting van een Europees agentschap genaamd ACER, dat zich bezighoudt met supranationale regulering. Dit agentschap moet een einde maken aan het ‘regulatory gap’, de grote verschillen in nationale regelgevingen. Uitspraken van ACER zijn bindend, in tegenstelling tot uitspraken van de twee tot nu toe functionerende organisaties ERGEG en CEER, waarin de 27 nationale energiemarkttoezichthouders verenigd zijn. De besluitvormingsprocedure zal via een stemsysteem gaan, waarin een meerderheid voldoende is. Nationale veto’s zijn dan niet meer mogelijk, wat de snelheid van de besluitvorming moet bevorderen. “Dit is een kans voor een echte integratie van de Europese energiemarkt. Ondanks dat het een enorme klus gaat worden”, zegt de Brit Lord Mogg, die voorzitter wordt van ACER. Waar agentschap ACER zich zal gaan vestigen is nog niet bepaald. Slowakije, Slovenië en Roemenië dingen nog mee. Volgens Ana Arana Antelo van de Europese Commissie is het de bedoeling dat over de locatie in ieder geval nog dit jaar, tijdens het Europees voorzitterschap van Zweden, een beslissing genomen wordt. De komende 16 maanden wordt uitgewerkt hoe de dagelijkse gang van zaken binnen ACER gestalte moet krijgen. Zo verandert bijvoorbeeld de rol van nationale toezichthouders, in Nederland is dat de Energiekamer van de NMA. “Die rol wordt belangrijker”, beweert Lord Mogg, zonder op de specifieke nieuwe bevoegdheden in te gaan, “maar om ze die belangrijkere rol te kunnen laten spelen, zullen we ze eerst moeten losweken uit de nationale overheidsstructuren.” Nationale toezichthouders worden dus een soort Europese toezichthouders op locatie.

De samenwerkende Europese TSO’s – eigenaren van de hoogspanningsnetten en hoge gasdruknetten zoals TenneT en Gasunie – krijgen ook een rol in dit nieuwe institutionele systeem. ENTSO-E (European Network of Transmission System Operators for Electricity) en ENTSOG (European Network of Transmission System Operators for Gas) zullen ACER adviseren. Volgens Erik te Brake van het Nederlandse VEMW, de vereniging die de belangen behartigt van energiegrootverbruikers in Nederland, zouden ook Europese consumenten een rol moeten krijgen in de besluitvormingsprocedure bij ACER. Via de Europese energieverbruikerskoepel IFIEC zou die input geleverd kunnen worden. “Bij elke beslissing die ACER neemt, zou een ‘impact assessment’ uitgevoerd moeten worden. Welke consequenties heeft een beslissing voor de eindgebruiker? Op basis daarvan kunnen wij dan aanbevelingen doen.”

Ontvlechting
De tweede pijler betreft ontvlechting van de hoofdnetten uit het eigendom van energieproducenten. Idee hierachter is dat vrije toegang door Europese energieproducenten tot het net niet gewaarborgd kan worden als één van hen dat in een bepaalde regio in handen heeft. Nederland gaat hierin een stap verder dan Europa vereist, door niet alleen de hoofdnetten te ontvlechten, maar ook per 1 januari 2011 de distributienetten. Nederland is hierin het beste jongetje van de klas, want zelfs de ontvlechting van de hoofdnetten bleek Europees gezien geen haalbare kaart. Met name Frankrijk (Electricité de France) en Duitsland trapten op de rem, daarin gevolgd door Oostenrijk, Bulgarije, Griekenland, Letland, Luxemburg en Slowakije. Uiteindelijk is een afgezwakt systeem bedacht waarin landen kunnen kiezen tussen drie vormen van ontvlechting. Dat zijn ten eerste een totale onteigening van het hoofdnet, ten tweede de ‘independent system operator, ISO’, waarbij ondernemingen het beheer van hun net overlaten aan een onafhankelijke beheerder en ten slotte ‘independent transmission operator, ITO’, waarbij de distributie door de onderneming plaatsvindt, onder strenge regels en het toeziend oog van een onafhankelijke organisatie.

Investeringsplan
De derde pijler betreft het tienjarig investeringsplan dat ENTSO-E en ENTSOG moeten opstellen. Daartoe brengen organisaties in kaart waar de voornaamste knelpunten tussen landen zitten en hoeveel geld er nodig is om die te verhelpen. Probleem hierbij is alleen dat het investeringsplan geen enkele bindende consequenties zal hebben. Dit is dan ook een reden dat velen hoop vestigen op regionale initiatieven, zoals het pentalaterale overleg dat sinds 2005 plaats vind tussen de Benelux, Duitsland en Frankrijk en dat tot doel heeft de vijf energiemarkten te integreren op een hogere snelheid dan haalbaar is op Europees niveau.
“Integratie is per definitie iets regionaals, want een investering in een interconnector blijft namelijk altijd een aangelegenheid tussen twee landen”, zegt Cecilia Hellner van ENTSO-E hierover. Liberalisering van het Europese energienet leidt tot lagere prijzen, zo is de bedoeling. Maar als dat in het huidige tempo doorgaat vreest Erik te Brake van VEMW dat de markt al verdeeld is onder de grote spelers, voordat de integratie van de markt goed en wel begonnen is. “Je ziet nu al consolidatie optreden en kleine, nieuwe spelers hebben bijna geen speelruimte. Het is een race tegen de klok en de inzet zijn de energieprijzen voor de consument.”

En wat gaat dit alles betekenen voor de Spaanse ondernemer Javier Penacho? Zijn probleem wordt al langer onderkend door de Europese Unie. Sinds 2007 probeert voormalig eurocommissaris Mario Monti als speciaal EU-gezant de weerstanden weg te nemen die een hoogspanningsverbinding over de Pyreneeën in de weg staan. Helaas voor Penacho, tot nu toe zonder veel succes.

Tijdo van der Zee

EnergieGids.nl/Energiek Europa 06-11-2009

Wesp vliegt op zonne-energie

Planten zijn een exclusieve eigenschap kwijt. Ook dieren blijken in staat zonnestralen om te zetten in energie. Een wespensoort, de oosterse hoornaar, gebruikt zijn staart als zonnepaneel. Maar pogingen om het proces in het lab na te bootsen, zijn nog niet erg succesvol.

Dit hebben onderzoekers van de universiteit van Tel Aviv ontdekt. “De wesp heeft een mechanisme ontwikkeld waar wij nog geen weet van hebben”, zegt natuurkundige David Bergman.

De onderzoekers ontdekten dat de photovoltaïsche omzetting plaats vindt in het exoskelet. Zij publiceerden hierover onlangs in het Duitse tijdschrift Naturwissenschaften.

Entomologen, insectendeskundigen, was het eerder al opgevallen dat oosterse hoornaars veel actiever zijn in de zon dan andere wespensoorten. De hoornaar heeft een voorliefde voor graven, en het blijkt dat hij het hardst graaft, wanneer de zon het felst schijnt.

Volgens de onderzoekers uit Tel Aviv hebben weersomstandigheden zoals temperatuur en  luchtvochtigheid geen invloed op het gedrag, maar bij een verhoogde UVB-straling krijgt de hoornaar het plotseling op zijn heupen.

Het blijkt dat de gele en bruine strepen op het lijf van de hoornaar samen een fotovoltaïsch effect kunnen opwekken: de bruine en gele strepen absorberen de zonnestraling, en het gele pigment transformeert dat in elektrische stroom.

De bruine schil van de hoornaar bestaat uit microscopisch kleine groeven die het licht splitsen en op één of andere manier kunnen richten. In de gele streep zitten kleine putjes met het pigment xanthopterine, dat het gesplitste licht om zet in elektriciteit.

De Israëlische onderzoekers hebben in het laboratorium een namaakhoornaar gemaakt, om te kijken of het lukt om op die manier energie op te wekken. Maar daar slaagden ze niet in. Toch gaat het team verder met het verfijnen van de nabootsing van het proces. Zij hopen met deze ‘bio-mimicry’ de eerste stappen te zetten op een nieuwe weg naar de duurzame energievoorziening.

Bron: Universiteit van Tel Aviv

Nieuw webadres

Ik heb een nieuw webadres en mailadres.

U kunt me nu bereiken via http://www.tijdovanderzee.com en info@tijdovanderzee.com

Milieu en energie

Enkele artikelen over milieu en energie:nysted1

1. De ITER in Frankrijk, een proefcentrale fusieenergie (in Perron E, no 4, 2008)

2. Gifbelt de Volgermeerpolder (in Amsterdams Stadsblad)

3. Windenergie Amsterdam Noord, energiezuinige Van der Pekbuurt en waterstofboot (in Amsterdams Stadsblad)

4. Column over bruinkool (in Perron E, no5, 2008)

Journalistiek en Redactie